woensdag 30 september 2009

Helter Skelter (2)

Soms kom je toevallig iets tegen waarvan je het bestaan niet meer wist, maar wanneer je het eenmaal weer vóór je ziet weet je dat je het nooit was vergeten. De harde schijf in je hoofd begint namelijk gewoon weer te werken.

Vandaag kwam ik in een van mijn boeken-spelonken het boek Wij vermoordden Sharon Tate tegen dat in 1970 verscheen, kort na de moord dus. Het bevat delen van de bekentenis van Susan Atkins (opgetekend door journalist / schrijver Lawrence Schiller) en is gruwelijk om te lezen. Veel gruwelijker dan een roman van Mo Hayder bij voorbeeld: omdat het waar gebeurd is en niet verzonnen.

Ik kocht dit boekje van 134 pagina's op 29 januari 1988 voor 2 gulden, zo blijkt uit mijn database. Vandaag heb ik doorgebladerd en hier en daar een alinea gelezen. Het is een mooi vormgegeven boekje trouwens, in een typische jaren 70 vormgeving.
Vier dagen na mijn aankoop, op 2 februari 1988, stond in het dagblad Trouw een artikeltje met de kop Twee jaar cel en TBR na 'beestachtige' moord. Twee 18-jarige jongens (18!) werden tot deze straf veroordeeld na de moord op de 42-jarige Cornelis van Nimwegen in diens huis in Amsterdam. Ik weet dat omdat ik dit stukje uit de krant heb geknipt en voorin het boek over Sharon Tate heb gestoken. Een citaat:
"De man werd in elkaar geslagen, gewurgd en doorzeefd met kogels. Motief was het stelen van de stereo-apparatuur van de man. (...) Bij de moord bleek het tweetal geïnspireerd te zijn geweest door de muziek Helter Skelter van de Beatles."
Over deze brute moord heb ik in mijn bescheiden true crime-archief niets terug kunnen vinden. Ook internet leverde niets op. De daders van toen moeten nu ongeveer 39 zijn en lopen waarschijnlijk al lang weer vrij rond.
Wat zou het interessant zijn om het hele verhaal achter deze moord (het slachtoffer en de daders) te weten te komen en daarover een boek te schrijven! Sharon Tate wordt nooit vergeten maar die vermoorde meneer uit Amsterdam herinnert, behalve zijn familie, niemand meer. Tragisch!


zondag 27 september 2009

Helter Skelter

Vrijdag werd bekend dat Susan Atkins, een van de moordenaars van Sharon Tate (die gehuwd was met regisseur Roman Polanski) op 61-jarige leeftijd in de gevangenis aan een hersentumor is overleden. Atkins behoorde tot de 'Manson family', de groep volgelingen van de psychopaat Charles Manson (nog steeds in de gevangenis, 75 jaar oud).
De afschuwelijke moordpartij in het huis van Polanski in Californië vond plaats op 8 augustus 1969, iets meer dan veertig jaar geleden. Vijf personen werden afgeslacht; Polanski zelf was in Europa. De moordzaak heeft ongekende publiciteit gegenereerd en er is een halve bibliotheek over vol geschreven.

En vandaag, twee dagen nadat ik een aankondiging plaatste dat ik een blogje over Susan Atkins zou schrijven, werd regisseur Roman Polanski -- thans Frans staatsburger -- in Zwitserland gearresteerd op verzoek van de VS waar hij al meer dertig jaar gezocht wordt voor een zedenzaak. Zo verknoopt de actualiteit mijn oorspronkelijke plannen tot een verwarrend verhaal. Geschiedenis ontstaat hier!

De Tate-LaBianca moorden zoals ze officieel zijn gaan heten, hebben me altijd gefascineerd vanwege de gruwelijkheid waarmee de moorden werden uitgevoerd (de details kun je makkelijk op internet vinden - ik wil je niet misselijk maken). Ik heb een groot voorstellingsvermogen maar de gruwelijkheid kan ik niet begrijpen. Daarnaast hangt er een hele cult-sfeer om de moorden heen. Zo schreef Susan Atkins met het bloed van Sharon Tate het woord PIG op de muur en een ander schreef, ook in bloed, Helter Skelter op de spierwitte wand. Helter Skelter is een song van The Beatles. Charles Manson had daar een nogal huiveringwekkende interpretatie van.

Het absoluut beste boek dat je over deze hele zaak kunt lezen is Vincent Bugliosi's Helter Skelter: The True Story Of The Manson Murders.
Bugliosi was de aanklager in de Mansonzaak en hij schreef dit 687 pagina's tellende boek dat algemeen als de beste bron wordt beschouwd. Ik bezit de Easton Press editie, gesigneerd door Bugliosi himself, met zijn vrouw als getuige....



Susan Atkins beschreef háár versie van de moorden en haar leven daarna in de gevangenis in een boek getiteld Child of Satan, Child of God. Ik ben er nog niet aan toe gekomen het te lezen en misschien heb ik er ook geen zin meer in. Normaal gesproken geef ik meestal een scan van de voorkant van het boek weer, maar in dit geval is de achterkant van deze eerste druk uit 1977 interessanter. (klik voor een leesbare versie)



Tot slot: A.F.Th. schreef in 2007 de roman Het Schervengericht, gebaseerd op de Tate-Labianca moorden. Deze pil van 1051 pagina's ligt op één van mijn 'nog te lezen' stapels. Ik denk dat ik hem daar lekker ongelezen laat liggen of via bol.com weer probeer te verkopen. Want zeg nou zelf: heb jij ooit met plezier een boek van A.F.Th. gelezen?

vrijdag 25 september 2009

aankondiging: Susan Atkins

Komend weekend een bijdrage over Susan Atkins, één van de moordenaars van Sharon Tate.
Susan Atkins stierf gisteren, 24 september, in de gevangenis.

Veertig jaar zijn verstreken sinds deze afschuwelijke slachtpartij. Inmiddels zijn bibliotheken vol geschreven over de Manson Family. Wat kan ik daar nog aan toevoegen?
Lees het binnenkort op deze blog!

woensdag 16 september 2009

Prinsjesdag en St. Kilda

Iedere zes jaar valt mijn verjaardag op Prinsjesdag. Als republikein met warme gevoelens voor ZKH Willem Alexander en diens bevallige vrouw Maxima Zorregieta zegt het Haagse vertoon met de gouden koets mij weinig, maar wanneer mijn verjaardag op Prinsjesdag valt, zoals dit jaar, dan voel ik mezelf een prins. Een Boekenprins dus, en prinsen krijgen mooie cadeautjes. Gezien de financiële crisis moest ik dit jaar wat zuunigjes aan doen, maar ik heb mezelf toch een vorstelijk pakketje boeken cadeau weten te doen.

Bij amazon.co.uk, de Britse variant van Amazon, heb ik vier boeken en een fraaie geografische kaart van St. Kilda besteld plus een boek over alle Schotse eilanden (en dat zijn er veel, héél veel). Het laatste is nog niet gearriveerd, de rest wel.

 
(St. Kilda. foto: M.J. Richardson)
St. Kilda ligt ongeveer 140 buiten de kust van Schotland en is daarmee het meest veraf gelegen eiland van het Britse vasteland. Het is duizenden jaren lang bewoond geweest, tot aan 1930, toen de laatste 36 bewoners het eiland verlieten. Sindsdien is er een militaire basis gevestigd en worden de archeologische resten van de enige straat op het eiland zorgvuldig gerestaureerd. Het eiland staat sinds 1986 op de UNESCO werelderfgoedlijst.
Boudewijn Büch was eveneens hevig gefascineerd door St. Kilda, zie bij voorbeeld het hoofdstuk dat hij in zijn boek Eilanden (2e editie, 1991) aan het eiland wijdde. Het hoofdstuk begint met de Büchiaanse zin "Eilandbewoners zijn altijd de klos." Iets dat zeker op gaat voor de -- schitterende -- eilandengroep St. Kilda.
Büch:
St. Kilda is nooit tegen de draad in geweest. Toch hielden twee schrijvers zich tamelijk recent met St. Kilda bezig, tientallen jaren nadat het lot over het eiland voltrokken was. 
Droeve, mooie boeken: Tom Steel The life and death of St. Kilda (1965) en Charles Maclean Island on the edge of the world (1972) over waar Groot-Brittannië klein in kan zijn.
Uiteraard moest ik na BB's aanbeveling in ieder geval deze genoemde boeken aanschaffen.
Hier is wat ik kocht:

Het eiland St. Kilda en haar geschiedenis zal me de komende maanden wanneer de bladeren gaan vallen en de temperatuur weer daalt, vergezellen tijdens mijn dagelijkse treinreizen.
Ik heb opeens zin in de herfst en de winter!

zaterdag 5 september 2009

Bol punt com

Tja, bol.com.
Ik bestel er regelmatig. En héél af en toe plaats ik een recensie van een boek dat ik daar gekocht en gelezen heb. Vandaag kreeg ik een mailtje dat mijn recensie over Verlovingstijd van Maarten 't Hart beloond werd met een kadobon van 25 euro:
"Echter, in het kader van de wet op de vaste boekenprijs, kan deze bon niet besteed worden aan Nederlandse boeken."
De wet op de vaste boekenprijs is mij al jarenlang een doorn in het oog.
Ronald Plasterk, u weet wel: de tamelijk mediageile minister met de hoed, is beslist een zeer ontwikkelde man, maar helaas laat hij op het dossier van cultuur en boeken zijn verstand hangen naar tientallen jaren oude meningen.

Vrijdag 4 september stond een prachtig stuk van Marcel Möring in de boekenbijlage van de NRC. Kern van Möring's betoog: het huidige systeem in Nederland voorziet er in dat boekhandels en uitgevers het meeste verdienen aan boeken. De schrijvers, die al deze prachtige boeken voor ons met bloed, zweet en tranen uit hun hersenen persen komen er af met een schamele procent of 10 van de prijs van een boek. Minimaal 40% gaat naar de boekhandel, 20% naar de uitgever. De wet op de vaste boekenprijs bepaalt dat boekhandels geen kortingen mogen geven aan klanten en bol.com dus ook niet. Vandaar dat ik mijn gulle geschenk van bol.com mag besteden aan DVD's, electronica of weet ik wat, maar niet aan boeken! Zo mag ik met mijn recensie van een Nederlandse roman niet een Nederlands boek kopen!

Betutteling door de overheid (geen gloeilampen meer mogen kopen), inperking van allerlei andere vrijheden zoals het recht op vrij reizen (invoering van de OV chipkaart betekent dat de overheid je reisgedrag van seconde tot seconde kan volgen), belachelijke rook- en terrasverboden en andere controles door overheidsinstanties (invoering van het Elektronisch Patiëntendossier): het is allemaal realiteit geworden en het lijkt of niemand protesteert.

Ik zou willen zeggen: wordt wakker en lees George Orwell's boek 1984, geschreven in 1949. Zijn zeer sombere toekomst-scenario van een alles controlerende overheid mag dan niet in 1984 werkelijkheid zijn geworden, anno 2009 is dat het wel.

Wanneer staan wij, volk van Nederland, weer met 500.000 mensen op het Museumplein in Amsterdam om de regering met een oorverdovend fluitconcert naar huis te sturen? Zoals we dat deden in de jaren tachtig toen het ging om plaatsing van kruisraketten?

Ik ben somber, ik denk dat het er niet van komt. De generatie die het nu voor het zeggen heeft is een generatie die lekker makkelijk verdient aan oude principes. De jongste generatie kiezers schijnt alleen bezig te zijn met het zoveel mogelijk genieten op korte termijn: GHB en andere partydrugs, giga hoeveelheden alcohol, mega-parties op het strand, hooligans, doden. Eigen genot eerst.
Daar walg ik van.

donderdag 27 augustus 2009

Ted Kennedy en het Chappaquiddick incident

Gisternacht overleed senator Edward Kennedy (Ted), de laatste nog levende van de vier Kennedy-broers.
Ik volg Ted Kennedy sinds april 2008 omdat ik zijn steun aan de campagne van Obama voor het presidentschap interessant vond en zijn boek 'America Back on Track' gekocht had. Kennedy heeft werkelijk veel op zijn naam staan: onafgebroken in de Senaat gedurende 45  jaar en verantwoordelijk voor meer dan 300 wetten! Maar er is een vlekje op zijn blazoen en juist dát vlekje interesseert me het meest: het Chappaquiddick incident.

In het kort: op avond van 18 juli 1969 (terwijl iedereen in de wereld en zeker in de VS gefocust was op drie Amerikanen die in een capsule recht op de maan af vlogen) vierde Ted een feestje. In een gehuurd huisje op Martha's Vineyard bevonden zich zes jonge vrouwen die hadden meegewerkt aan de presidentscampagne van de een jaar tevoren vermoorde Robert (Bobby) Kennedy plus vijf vrienden van Ted.
Picture it: zes mannen en zes jonge ongetrouwde aantrekkelijke vrouwen in een vakantiehuisje samen, het is warm en er wordt wat gezwommen. Er is volop eten en drank. Ted (oh, had ik al verteld dat hij getrouwd was en dat zijn vrouw er niet bij was?) had zijn chauffeur flessen wodka, scotch, rum en bier mee laten nemen ter verhoging van de feestvreugde.

Het was kwart over elf 's avonds. Eén van de vrouwen, Mary Jo Kepechne, voelde zich niet helemaal lekker. Ted bood aan om haar naar haar hotel in Edgartown te brengen in zijn Oldsmobile. (Ted reed zelden zelf, daar had hij zijn chauffeur voor.) Ergens nam hij een verkeerde weg, en op een houten brug verloor hij de macht over het stuur en reed de brug af. De auto kwam ondersteboven in de rivier terecht.
In de wijde omgeving was geen levende ziel te bekennen. Feit is dat Kennedy uit de auto ontsnapte maar Mary Jo niet. In plaats van direct groot alarm te slaan, deed hij samen met twee van de andere mannen nog een reddingspoging maar toen ook die vergeefs bleef keerde Kennedy te voet terug naar zijn hotel en ging slapen. De volgende ochtend werd het autowrak in de rivier ontdekt. En moest hij uitleg gaan geven op het politiebureau.

Edward Kennedy verklaarde dat hij talloze malen geprobeerd had Mary Jo uit het autowrak te bevrijden maar dat hem dit niet gelukt was. Dat hij erg in de war was en daarom maar terug gegaan was naar zijn hotel. Zijn getuigenis was weliswaar uitgebreid maar de informatie kon niet of onvoldoende bevestigd worden door anderen. Uiteindelijk werd hij veroordeeld tot twee maanden voorwaardelijke gevangenisstraf wegens het verlaten van de plaats van het ongeluk. (Foto: het wrak bij de berging.)


Het Chappaquiddick-incident barst van onbeantwoorde vragen. Waar kwam het bloed vandaan dat op Mary Jo's kleding is gevonden? Waarom is er geen autopsie op haar lichaam gepleegd? Als Kennedy Mary Jo naar haar hotelkamer had willen brengen, waarom lag haar portemonnee en kamersleutel dan nog in de cottage? Iedereen die van samenzwerings- of cover-up-theorieën houdt kan hier zijn hart ruim aan ophalen. Zelf ben ik niet zo van theorieën, ik hou meer van feiten. Niettemin is dit iets dat me al anderhalf jaar bezig houdt. Om er meer over te weten te komen, na internet-speurtochten, heb ik afgelopen weekend drie boeken bij amazon.com besteld. (Hoe toevallig: een paar dagen voor zijn dood!)
Ik ga ze allemaal lezen, op zoek naar een illusoire waarheid, en hoop daar later nog over te schrijven.
Eén ding heb ik van Edward M. Kennedy: zijn handtekening. En daar ben ik blij mee.


Link: goed artikel over het Chappaquiddick incident op Wikipedia.

dinsdag 18 augustus 2009

Kijk in mijn boekenkast

donderdag 6 augustus 2009

Het Weer

Het weer, door Gerard Reve onsterfelijk 'het weder' genoemd, is nog nooit onderwerp geweest van deze blog. Terwijl ik toch sinds mijn 14e een weergek ben. Ik heb deze eigenschap geërfd van mijn moeder, die bij voorbeeld in de oorlog in een dagboekje allerlei bijzonderheden omtrent het weer vastlegde. De totale geschreven nalatenschap van mijn moeder (dagboeken, plakboeken, agenda's, krantenknipsels) staat --verpakt in 5 verhuisdozen-- al jaren onaangeroerd in mijn kelder want ik heb nog niet de moed gehad alles te openen...

Ook ik hou het weer dus bij. Niet zo fanatiek als vroeger, maar ik noteer wel eens wat.
Echter: nu ga ik klagen over het weer! Het is hier de laatste jaren in de zomer namelijk helemaal niks met het weer. Het is:
  • extreem wisselvalig, te koud en de regen komt met bakken uit de hemel, óf:
  • extreem bloedheet/klam/benauwd.... wat weer gevolgd wordt door regen en onweersbuien.
Als nauwkeurig waarnemer valt mij op dat in de zomer van maandag tot vrijdag we veelal te maken hebben met een oplopende temperatuur, wat telkens tegen het weekend wordt afgestraft met onweer, heftige regen en lagere temperaturen. Kortom: kutweder.

Mijn theorie is dat deze bizarre weersveranderingen het gevolg zijn van onze geïndustrialiseerde samenleving waarbij alle economische activiteit immers van maandag tot en met donderdag-en-een-half plaats vindt. (In het westen van Nederland werken mensen op vrijdag niet of ten dele.) Die economische activiteit uit zich in uitstoot van warmte en gassen door auto's en kantoren.

De gevoelstemperatuur ging vandaag richting 40 graden. Ik was ooit in Carthago, Tunesië, bij een luchttemperatuur van 43 graden (gevoelstemperatuur 50). Ik dacht dat ik dood ging en wilde zo snel mogeljik terug naar de airconditioned bus en het cruiseschip in de haven.
Er gaat niks boven lezen in een prachtig boek bij een temperatuur van 21 graden .

Nog 6 dagen werken en ik ben 2 weken vrij. Als het dan heet wordt zet ik de airco op mijn slaapkamer aan en ga dáár liggen lezen. En als het 'wisselvallig/onbestendig' wordt dan lees ik overal in huis: boven, beneden, op de trap, aan de keukentafel of waar dan ook.
Hoe dan ook, na al mijn geklaag: het wordt een leeszomer!

zondag 2 augustus 2009

De lessen(aar) van Pim

Op 27 juni jl. ging bij Hessink's Veilingen in Nijmegen de nagenoeg complete inboedel van de villa van Prof.dr. W.S.P Fortuyn, beter bekend als 'Pim' (en voor fans: Pimmetje) onder de hamer. Er waren liefst 887 kavels, waarbij één kavel, nummer 877, de complete bibliotheek van Fortuyn bevatte: zo'n 6000 banden.
En ja, ik had wel interesse in het een en ander. Een boekenmolen, enkele marmeren piedestals, een kolomtafeltje, fraaie boekensteunen, een lessenaar. In totaal heb ik op 11 kavels een schriftelijk bod uitgebracht. De veiling trok erg veel belangstellenden en er werd waanzinnig geboden. Dingen die niet meer dan een paar tientjes waard zijn (bij voorbeeld omdat ze nog gewoon in winkels verkrijgbaar zijn) realiseerden prijzen van ettelijke honderden euro's. Neem nu deze, een contemporaine bronzen sater van (volgens opgave van Hessink) 10 cm hoog:


Ik heb exact hetzelfde ding, maar dan met een hoogte van 27 cm, ergens in een toeristenwinkel in Griekenland gekocht, voor vermoedelijk niet meer dan 30 of 40 euro. (Ik heb redenen te denken dat de opgegeven maat van 10 cm niet correct is.) Op de veiling bracht het € 1008 op! Vooral de eerste uren van de veiling werden absurde prijzen genoteerd, ik vermoed dat hier de overtuigde Pim-aanhangers en voormalige LPF-ers zichzelf te buiten gingen alleen omdat 'het van Pim was'.

Ik ben, om eventuele vragen en opmerkingen vóór te zijn, geen overdreven fan van mr Fortuyn geweest, maar bewonderde wel zijn moed, intellect en onverzettelijkheid. Daarbij was Fortuyn buitengewoon slim (prof.dr.), behoorlijk erudiet en belezen en zijn de tientallen boeken die hij heeft geschreven niet onopgemerkt gebleven.

Op de veiling was ik bij één item succesvol. Niet geheel toevallig ook hetgeen ik het liefst wilde hebben: een ranke 19e eeuwse mahoniehouten lessenaar. Het kwam als nummer 717 ergens in de avond ter veiling, toen de spaarrekeningen van de Rotterdamse bieders inmiddels uitgeput waren en de biedingen wat realistischer waren geworden. (Uiteraard is dit laatste pure speculatie.) Voor € 500 excl. opgeld was het van mij.
Uit ervaring weet ik dat het niet zo makkelijk om aan een leuk lessenaartje te komen. De meeste die je tegenkomt zijn foeilelijke eikenhouten timmerwerkjes of oude schoolmeubels. Pim's zag er aardig uit en de genoemde prijs is niet idioot hoog. Hij staat nu in mijn werkkamer. Op het klepblad heb ik groen vilt bevestigd om het mogelijk te maken er boeken op te laten liggen; ik wil het meubel namelijk wel echt kunnen gebruiken!


Op de foto (klik voor een vergroting) ligt de catalogus van de veiling. Het leukste is natuurlijk de praktische opbergruimte die de lessenaar biedt; terwijl je zittend aan het meubel je boek leest, kun je andere boeken of aantekeningen op de plank eronder leggen en bij voorbeeld schrijfwaren onder de klep kwijt. Dit is een foto van het interieur.


Het lessenaartje van Pim bleek onverwacht nog iets extra's te bevatten. In het linker laadje trof ik een aansteker aan. De aansteker was leeg. Ik weet niet óf het een aansteker was van Pim, maar het lijkt aannemelijk gezien het stof dat er op zat en het feit dat die leeg(gelopen) was.


De aansteker die Pim echter bij zich had toen hij vermoord werd bracht maar liefst € 11.844 op.
En zijn 6000 boeken --in één koop-- € 44.100. Dat is € 7,35 per boek. Goeie prijs!

zaterdag 18 juli 2009

Een jeugdzonde

Naar aanleiding van het schietincident gisteren in De Tour -- renner Oscar Freire werd met een windbuks (of luchtbuks) beschoten -- welde vanuit de diepste krochten van mijn geheugen opeens een herinnering op aan een vreselijke zonde die ik in mijn jeugd heb begaan. Die ga ik nu opbiechten.

Rond 1975 deelde ik korte tijd de zolder van het ouderlijk huis met één van mijn broers. Deze vier jaar oudere broer was nogal een ruig buitenmens en had bepaald andere interesses dan ik. Nadat hij het huis uit was gegaan om te studeren en ik de zolder voor mij alleen had vond ik ergens achter de schotten van het schuin aflopende dak een windbuks. Interessant!
Van mijn zakgeld kocht ik een doosje met kogeltjes. (Ik weet echt niet meer waar of hoe. Blijkbaar kon een 14-jarige daar toen gewoon aankomen.) Op een dag dat ik alleen thuis was zette ik een plaat (van nota bene zachtboard!) tegen de ouderlijke boekenkast die op de zolder van ons huis één van de wanden bedekte, laadde de buks en schoot op de plaat. Verdorie, daar zat niet veel kracht achter zeg. Dat leek helemaal niet op de geweerschoten die ik van televisie kende!
Ik oefende nog wat, maakte het wapen schoon en schoot weer. En weer. Waar bleven die afgevuurde kogeltjes toch? Ik kon ze nergens in het zachtboard vinden. Zó erg kon ik er (mijn slechte gezichtsvermogen is algemeen bekend) vanaf 5 meter afstand toch niet naast zitten?

Inderdaad. Niks naast. Ik had er dwars doorheen geschoten, recht op de ruggen van de boeken!
Ik, ik heb op boeken geschoten! Op boeken! Boeken!

Bezit en gebruik van een luchtbuks is niet strafbaar in Nederland, maar ach, wat moet ik hier nog aan toevoegen. U begrijpt het wel.
Wanneer mijn tijd gekomen is (circa 2061) en ik bij Petrus aan de hemelpoort sta, in de hoop de hemelse bibliotheek te betreden waarin alle boeken die ooit zijn uitgegeven verzameld zijn, zal deze jeugdzonde mij dan vergeven worden?

Ik knijp 'm behoorlijk. Is er een wellicht een theologisch onderlegde lezer die mij raad en gemoedsrust in dezen kan verschaffen? Please?